Voer jij 's winters de vogels een beetje bij? Doe
het dan hygiënisch, anders help je ze van de regen in de drup. Ook de
vogelgriep die door het land raast, vraagt om extra maatregelen.
Zes
tips om zo veilig mogelijk bij te voeren en wat te doen als je
onverhoopt een zieke vogel in de tuin treft.
Vogelgriep
De vogelgriep raast door de wereld en niet alleen kippen, ook
steeds meer soorten wilde vogels worden getroffen. Veel vogelliefhebbers
bellen en mailen Vogelbescherming met de vraag of het eigenlijk nog
veilig is om tuinvogels te voeren. Op een voerplaats komen vogels
tenslotte dicht bij elkaar en kunnen elkaar sneller besmetten, ook met
andere ziektes.
Het antwoord luidt dat er tot nu toe geen gevallen bekend zijn van
met vogelgriep besmette tuinvogels, maar dat het waarschijnlijk een
kwestie van tijd is voor het zover is.
Voer tuinvogels hygiënisch
Als je tuinvogels zoals mezen en mussen toch wat wilt bijvoeren,
doe het dan hygiënisch. Grenst je tuin aan het water, stop dan met het
bijvoeren van watervogels zoals wilde eenden, want zij zijn wel volop
slachtoffer van vogelgriep. Hieronder lees je hoe je hygiënisch voeren
aanpakt en wat je doet als je wel een zieke vogel ziet.
Hygiënisch bijvoeren: 6 tips
- Voer hoeveelheden die voor de avond op gaan, zodat er geen resten
overblijven op de grond of op de voertafel. Als het voer nat wordt en
lang blijft liggen wordt het een vieze bende.
- Borstel of schud voerhuisjes, voertafels en silo’s regelmatig schoon. Silo's
zijn zo ontworpen dat de zaden niet snel nat worden, maar met regen en
wind is het niet uitgesloten. Als de zaden gaan klonteren, moet je ze
weggooien. Veel silo's passen en mogen in de afwasmachine en zijn zo
gemakkelijk schoon te maken.
- Ververs water in waterbakken regelmatig, in ieder geval wekelijks.
- Ontsmet de voer- en waterplaats af en toe met kokend water.
- Vooral vetbollen en andere vetproducten kunnen sneller bederven met
zacht, nat weer. Het vet ruikt dan vies, er komt een zwarte of witte
waas over of de zaden erin beginnen te kiemen. Haal het voer weg als dit
gebeurt, maar zorg er vooral voor dat het niet zover komt.
- Verplaats voertafels af en toe om te voorkomen dat ziekteverwekkers zich ophopen.
Zieke of dode vogels: wat te doen?
Net als bij mensen, gaan er ook bij vogels allerlei ziektes rond in
de herfst en winter, niet alleen de vogelgriep. Let daar dus op. Zieke
vogels herken je aan hun gedrag: ze zitten bol, zijn suf en ze zijn niet
schuw, dus je kunt dichtbij komen. Soms ziet hun snavel er vies uit.
Mocht je zieke of dode vogels in je tuin zien, stop dan twee weken
met bijvoeren. Op een voerplaats komen vogels namelijk dichter bij
elkaar dan wanneer ze in de natuur voedsel zoeken. Zo besmetten ze
elkaar sneller en dat wil je voorkomen.
Zieke vogels kun je het beste met rust laten. Veel meer kun je ook niet doen, want ze laten zich niet pakken en de dierenambulance neemt ze niet altijd aan vanwege het besmettingsgevaar. Als je meerdere zieke of dode vogels ziet, kun je dit wel
melden bij het Dutch Wildelife Health Centre (DWHC). Dit centrum brengt ziekten onder wilde dieren in kaart, zodat de overheid goede maatregelen kan nemen.
Voor meer tips en informatie zie
Vogelbescherming Nederland